Categorieën
Non-fictie

De schuld van het klimaat

Iedereen weet dat het niet goed gaat met het klimaat. Zelfs de klimaatontkenners schuiven steeds meer van ontkennen naar ontkrachten. De oplossing voor het probleem is lastig, zo niet onmogelijk, zolang er een belangrijke schuldvraag onopgelost blijft.

Het klimaat probleem oplossen is sowieso een uitdaging van jewelste, want weliswaar héél belangrijk, toch willen veel mensen er niet aan. Misschien wel verbaal, veel minder in gedrag. Het milieu is nog te vaak een vervelende belemmering naar instant genot en plezier. Veel dat, mede door eeuwenlange conditionering, leuk en lekker is (of lijkt), is slecht voor het klimaat. Vlees, een boterham met boter en kaas, (sport)auto’s, vliegvakanties, nieuwe kleren, mooi verpakte cadeautjes en ga zo maar door. Ook politiek gezien is het klimaat voor de meeste partijen een sta in de weg, op korte termijn valt er weinig succes te boeken. De meeste mensen rijden nou eenmaal liever honderddertig dan honderd. Natuurlijk heeft de jongere generatie in toenemende mate belangstelling voor het klimaat, maar ook zij willen graag de wereld zien. En zo lang dat met een vliegtuig moet, moet dat maar.

De schuldvraag.
Het is vijf voor twaalf, twaalf uur, of vijf over twaalf, afhankelijk van welke studie je er op na slaat. Hoe heeft het zo ver kunnen komen? Wiens schuld is dit vragen vooral jongeren zich nu hardop af. Heeft Greta Thunberg gelijk en is het inderdaad de schuld van de babyboomers? Hebben zij ongegeneerd de aarde leeg getrokken en gebruikt ten behoeve van hun persoonlijke behoeften en de aanwas van hun vermogen, waarvan ze dure huizen hebben laten bouwen en onbeperkt de wereld over vliegen om hun pensioen ‘nuttig’ te besteden? De vraag die onmiddellijk opkomt is: is er überhaupt nog wel tijd om met die schuldvraag bezig te zijn? Leidt dat niet teveel af van waar het echt om gaat? Nee zeker niet, want zonder deze vraag te beantwoorden, zal het klimaatprobleem niet oplossen.

Hoe zit dat met die schuld?
Om die vraag te beantwoorden moeten we terug in de tijd. De afgelopen eeuwen hebben onder andere Europeanen, wij dus, de wereld veroverd en deze op een nietsontziende manier voor hun eigen welvaart gebruikt. Het doel heiligde de middelen: zelfs ons eigen soort werd door middel van slavernij op brute wijze ingezet. Ook dieren hadden het zwaar te verduren, neem bijvoorbeeld de walvissen die op een haar na bijna uitgemoord zijn. De aarde zelf? Ach, als er geld mee te verdienen was, was het goed. Destijds leek er van alles meer dan genoeg en anders groeide het wel weer aan. Amsterdam was een episch centrum in dit krachtenveld. Tot de industriële revolutie toen alles in een stroomversnelling kwam, inclusief de razendsnelle aanwas van de wereldbevolking. Deze nietsontziende handelsmentaliteit van ouder op kind doorgegeven, bleef echter hetzelfde. Sterker nog; door meer concurrentie, vollere markten, meer producten en marketing werd dit gedrag verder aangescherpt. Kapitalisme en democratie, zorgden ervoor dat iedereen kansen kreeg die dus ook benut moesten worden. En de graadmeter voor succes was (en is) winst. Winst zorgt voor groei en groei voor nog meer winst enzovoorts. Liberalisme, persoonlijke vrijheid en het recht op individuele ontplooiing zorgden er vervolgens voor dat onderscheidend vermogen het drijvende principe werd van de economie. Dit principe is in onze tijd tot een climax gekomen met social media, waarin alles lijkt te draaien om wie zich van de ander weet te onderscheiden en daarmee succesvol is of lijkt. En nu? Nu zijn we als mens, individualistisch gericht op groei, op het punt aangekomen dat met terugwerkende kracht de vraag stellen: wie is er verantwoordelijk voor de abdominale staat van de aarde?

Er zit iets in de weg: schuldgevoel.
Een gevoel van schuld treedt op als je iets gedaan hebt waarvan je weet dat het niet goed is, iets dat je beter niet had kunnen doen. Of andersom als je iets had moeten doen, maar het nagelaten hebt. Zoals het leegroven van de wereld. Of ingrijpen toen het slecht ging met het klimaat. Het is niet alleen het rottige gevoel dat je iets stoms hebt gedaan, maar het gevoel dat je stom bent. Dat het in jou zit, in plaats van in dat ene moment dat al weer voorbij is. Kortom, je bént schuldig. Dat is geen prettig gevoel, sterker; het is een zeer onaangename emotie, die onderhuids verschrikkelijk knaagt. Je wilt er van af, maar zo makkelijk gaat dat niet. Niet zonder oprechte spijt en vergeving. Het schuldgevoel is een diepe kuil waar je niet zo maar uitklimt. Hoewel? Als je zegt ‘het spijt me’, is er de kans dat iemand je een hand geeft en je er uittrekt. Het probleem is echter: iemand vergeven of jezelf vergeven is om heel veel redenen ontzettend moeilijk. Ten eerste: ervaar je oprecht schuld? En als je toegeeft dat je fout zit, lijkt dat slecht, met name naar de buitenwereld. Bovendien, wat zijn de represailles? Komen er misschien schadeclaims? Het alternatief: het verzinnen van argumenten om het niet te doen. ‘Het is een traditie en daar moet je niet aan tornen’. Of: ‘met de kennis van nu…’. Enzovoorts. Excuses, maar geen spijt, laat staan vergeving.

En dan?
Waarom niet in die kuil van schuld blijven? Wat maakt het uit, het leven is zo slecht nog niet, het schuldgevoel zeurt toch slechts? En als het een beetje pijn doet verdoof je gewoon die nare gevoelens. Wat lekkers drinken, eten, misschien wat drugs of nog een keer shoppen. Kortom: dieper graven. Steeds dieper, volgens het principe; als je één keer iets gestolen hebt; waarom niet zoveel mogelijk jatten, je bent nu toch een dief. De mensen aan de rand van de kuil, de toereikende handen, vormen steeds minder een ‘bedreiging’.
Terug naar het klimaat. Als dit collectieve, grotendeels onbewuste schuldgevoel, met name bij de oudere generaties, niet opgelost wordt, kan het klimaat nooit echt veranderen. Dan wordt de kuil steeds dieper en wint schuld het wellicht zelfs van overlevingsdrang. De laatste zin van Wikipedia onder de term schuldgevoel is niet voor niets: ‘In uiterste gevallen kan schuldgevoel leiden tot zelfmoord’. Lees het maar na.

Wat is de oplossing?
Het begint met het erkennen van fouten. Dat is niet makkelijk. We moeten onderkennen dat de aarde inderdaad uitgehold is voor eigen gewin. Dat de aarde is uitgebuit en sommige landen daar buitenproportioneel van geprofiteerd hebben. En nog steeds. Europa is rijk geworden ten koste van landen als Brazilië en Indonesië. Pas als er spijt wordt betuigd en waar mogelijk ook enige vorm van compensatie plaats vindt kan er met een schone lei begonnen worden. Het verleden kan worden uitgewist en er kan iets nieuws voor in de plaats komen. Bijvoorbeeld een duurzamere wereld, waarin de bronnen en hun schatten eerlijker verdeeld worden. Een wereld waar landen van elkaar afhankelijk zijn, wat simpelweg zo is; het klimaat kent geen grenzen. De klimaatcrisis kan namelijk alleen opgelost worden vanuit een collectief belang: het moet grootschalig aangepakt worden en iedereen moet meeprofiteren. Zonder collectief bewustzijn over dit collectieve belang vervallen we (als mensheid) in herhaling en maken we opnieuw stap voor stap dezelfde fouten: iedereen komt voor zichzelf op en probeert er het beste van te maken. En dat gaat niet werken, dat heeft de geschiedenis bewezen.
Op individueel niveau geldt hetzelfde principe. Zolang een individu een innerlijk conflict heeft, zoals bijvoorbeeld een sterk schuldgevoel, kunnen problemen buiten die persoon, zoals het klimaat, niet worden opgelost. De primaire aandacht zal gaan naar het opvullen van een leegte, oncomfortabel gevoelens, met spullen en activiteiten die meestal niet goed zijn voor het klimaat. Bovendien werkt het niet, want de leegte is slechts kortstondig op te vullen, dus is er méér nodig. Meer eten, meer vakanties, meer spulletjes. En al wordt al dat consumeren duurzamer, met meer consumeren los je het probleem niet op.

Alles bij elkaar opgeteld.
Er is zowel een collectief als een individueel schuldgevoel dat een mogelijke oplossing van de klimaatcrisis in de weg zit. Het stellen van de schuldvraag en met name het betuigen van spijt en vergeving ‘van de zonden’, zijn nodig om tot een oplossing van het wereldwijde klimaatprobleem te komen. Zonder dit graaft de mens zich steeds dieper in en zal de kuil te diep blijken om er ooit nog uit te klimmen. Alleen met oprechte spijt en vergeving kan er vanuit wederzijds belang een nieuwe start gemaakt worden, een voorwaarde om de klimaatcrisis op te lossen.