Categorieën
Fictie

Spinsels

In haar roze kimono stapte Marjolein de deur uit. Wat was het koud en mistig en het gewaad te dun, maar ze kon het niet laten. Haar blonde haren had ze meestal opgestoken, omdat Frits dat wel chique vond staan. Nu liet ze het los over de schouders hangen, dan waren haar oren tenminste bedekt.
Vanuit zijn bedruppelde web in de tuin keek ‘haar’ spin haar afwachtend aan. Ze hield van deze passieve jager en hield hem in leven. Als ze binnen een vlieg dood sloeg, gooide ze die in het web. Met belangstelling keek ze hoe de spin eerst draadjes om zijn slachtoffer fabriceerde, zijn voorraadkast, om hem later op te peuzelen. Zij voelde zich ook prooi; Frits had haar helemaal ingekapseld. Haar enige vlucht uit de werkelijkheid was dit stiekeme jointje op het terras.

Rillend ging ze weer naar binnen om op de leren Jan de Bouvrie bank voor de niet aangestoken open haard te gaan zitten. Het liefst wilde ze voor hoge vlammen naakt en languit op het dikke, wollen kleed gaan liggen en eindeloos huilen. Haar tranen en de hitte zouden alle vocht uit haar lichaam trekken. De droge, broze delen vielen daarna uit elkaar.
Frits kwam ’s avonds om zes uur thuis uit zijn werk. Eerst deed hij de stropdas af. Marjolein liep altijd de gang in om hem te begroeten en zijn aktetas over te nemen. Waar was ze nu? Hij riep haar. Geen antwoord. Hij controleerde de keuken. Leeg. Hij zocht in de woonkamer, maar liet het na om naar de grond te kijken. Met zijn vaste tred liep hij over haar stukken heen en vermorzelde deze onder zijn glimmend gepoetste maat 44 Van Bommels. De kruimels verdwenen steeds verder tussen de hoge polen van het tapijt. Nijdig pakte hij de kimono van de bank. Hij liep er mee naar boven. Ook daar was niemand te bekennen. Hij hing de kimono aan het daarvoor bestemde haakje in de slaapkamer.
Om te kalmeren schonk hij zichzelf een glas whisky in en rakelde het vuur in de open haard op.
De volgende dag kwam de moeder om ramen te lappen, spinraggen weg te bollen en haar resten op te zuigen. Ze kookte soep voor haar Frits, die nu beter af was. Ze deed de afwas en ging daarna naar huis. Een week later kwam moeder weer en ruimde alle spullen van Marjolein op. Alleen de roze kimono, die ze zo mooi vond, hield ze zelf.
Niemand die nog naar de jonge vrouw zocht, laat staan haar terugvond. Zou men zich haar later nog herinneren, of was ze al die jaren zo onzichtbaar geweest, dat men het niet eens merkte dat ze niet meer bestond?

Maar hé ho, zo wilde ze het verhaal niet laten eindigen! Het hersenspinsel schudde ze van zich af, zoals een hond dat met water doet. Ze wikkelde zichzelf in een warme woonplaid en belde een advocaat.