Categorieën
Fictie

Omhelzing

Hoe heet jij?

– 4714

Aha, je komt van de kwekerij.

– De kwekerij? Wat is een kwekerij?

De plek vol blauw licht. Waar al de snelgroeiers leven.

– Snelgroeiers?

Het duizelde 4714, de afgelopen dagen kreeg hij zoveel nieuwe woorden en begrippen toegeworpen.
Het was allemaal nogal bizar, hij wist nog steeds niet goed hoe hij met al die nieuwe informatie moest omgaan.

– Wat betekent snelgroeier? Vroeg hij ten slotte maar.

Kuikentjes.

– Ik weet wel wat kuikens zijn.
Maar we groeien geloof ik allemaal ongeveer hetzelfde, behalve 4354.
Die is al een kop groter dan de rest. Alleen wat een snelgroeier is begrijp ik niet.

Eerst een nieuwe naam, dan leg ik het je uit, antwoorde Roodborst.

Oké? Voegde hij er op een vriendelijke toon aan toe, omdat hij zag dat 4714 een beetje ontdaan leek door Roodborst’s kordaatheid.

– Oké, antwoorde 4714 zacht.

Je doet me denken aan mijn broertje. Ook zo frivol.
Ian is zijn naam. Vind je dat een mooie naam?

4714 dacht even na, de naam Ian deed wel iets met hem. Het voelde fijn. Het gaf hem een bepaald gevoel dat hij niet in woorden kon uitdrukken. Het was een gevoel dat hij nog maar kort kende.
Hij herkende het gevoel wel.

Het leek op dezelfde emotie die hij eerder had gevoeld in de kolonie.
Toen hij erachter kwam, dat hij in de kolonie omringt werd door namen die bestaan uit letters in plaats van cijfers.

Cijfers en letters.

Tot voor kort wist hij niet eens wat die woorden betekende. Cijfers en letters.
Ian vind ik mooi, antwoorde 4714 uiteindelijk.

Laten we ons nog een keer voorstellen.
Ben je er klaar voor?

– Ik ben er klaar voor, herhaalde 4714 gedwee.

Hoe heet je?

– Ian.

Precies toen Ian zijn nieuwe naam uitsprak gebeurde er iets. Het gevoel dat hij herkende kreeg woorden.
Ineens waren zijn emoties geen woordeloze stroom van associaties, maar een reeks letters die zich in elkaar puzzelde tot woorden die zijn hoofd vulde met betekenis.

Zijn nieuwe naam gaf hem het gevoel dat hij
iemand was. Iemand is.

Een identiteit had. Bestaansrecht.

Al deze verbindingen werden gelegd zonder dat Ian begreep hoe dit mogelijk was, hij was immers een kuikentje dat tot voor kort geen andere wereld had gekend dan de blauwe.
Een wereld waar cijfers namen waren.
Een wereld waar het idee van een letter ‘naam’ bizar was.
Het idee van een letternaam kon je in de blauwe wereld onmogelijk uitleggen, omdat het daar geen betekenis had.

Namen gemaakt van letters hadden daar geen naam.

– Wat is een kwekerij? Vroeg Ian na een paar minuten stilte nogmaals.

Roodborst kijk Ian een paar seconden peinzend aan. Eén ooglid trilde even kort voordat hij begon te spreken – viel Ian op – en toen hij sprak leek aan elk woord dat hij uitsprak ankers van 10.000 kilo te hangen.

Hij vertelde over de bedoeling van de kwekerijen. Over KFC – een naam die Ian niks zei, tot het werd uitgelegd en hij het wilde ont-horen.
De woorden stroomden als water uit Roodborst’s snavel, ze vormden verhalen die leken op het script van een Black Mirror aflevering.

Ian vroeg wat Black Mirror betekend.

Roodborst deed er 20 minuten over om het concept van film en tv uit te leggen, en ook dat super voordelige Netflix abonnement kwam in zijn uitleg voorbij.

Toen Roodborst klaar was met zijn verhaal lag Ian’s wereld – de wereld van dat kleine kuikentje dat een uur geleden nog geen naam had – in duigen.
Het leek alsof de wereld op hem neerkwam, alsof hij werd verzwolgen door een realiteit die hem plat probeerde te drukken.
Hij kromp ineen en drukte zijn vleugeltjes stevig tegen zijn slapen.
Hij deed dit zo stevig, dat het leek alsof hij probeerde de druk van de wereld op te heffen door zijn eigen realiteit uit zijn hoofd te drukken.

12,99 per bucket.

Een snik. Een druppel. Korte haperende snikken. Twee druppels. Vier druppels. Jachtige ademhalingen. Zes druppels. Twaalf druppels. Twintig druppels. Veertig druppels.

Tot het stroomde.

Roodborst sloeg zijn vleugels om Ian heen en drukte hem stevig tegen zich aan. Niet de stevigheid waarmee Ian op zijn slapen had gedrukt. Uit die stevig sprak wanhoop. Deze fluisterde troost.

Zachtjes wiegend hield Roodborst Ian stevig vast.

Ian’s hoofd ruste tegen zijn borst. Zijn kleine gele pluizenlijf veilig omsloten door Roodborst’s vleugels.
Ian sloot zijn ogen en gaf zich voor het eerst in zijn leven over aan wat hij op dat moment voelde.
Aan de eerste keer dat hij voelde hoe dit voelt.
Aan de eerste omhelzing in zijn leven.