Categorieën
Fictie

Ellen

Ellen gooide haar volle sporttas in de hoek van haar slaapkamer. Ze draaide het volume van haar stereotoren omhoog om het gestommel in de woonkamer te overstemmen. Haar moeder had vanaf vanmorgen in een rap tempo een fles vieux naar binnen geklokt. Nu stond ze op standje luchtalarm tegen de hond te jengelen. Ellen slaakte een zucht. Ze zou eigenlijk haar vochtige kicksen op het balkon moeten zetten om te luchten, maar ze wilde niet het risico lopen haar moeder tegen te komen. Ze vroeg zich af of haar moeder überhaupt door had dat Ellen weer terug was van voetbal.
Vanavond kwam Bart haar ophalen en zouden ze samen naar de film gaan. Ze had het nog niet met haar moeder overlegd, maar zolang die in deze staat was, zou het haar toch niet uitmaken wat Ellen deed. Op de radio waren ze volop bezig met het uitzenden van de Top40. Ze had in de Hitkrant gezien dat George Michael deze week op 1 stond en wilde het nummer opnemen op cassette. Het vergde enige voorbereiding, want ze wilde niet dat het liedje ervoor of de praatjes van Erik de Zwart erna ook op de opname stond. Ze moest precies op tijd de knoppen indrukken, anders was alle moeite voor niets geweest. Het zou zeker nog een halfuur duren voor ze bij de hoogste notering aan zouden komen. Om de tijd te doden, pakte Ellen met tegenzin toch haar sporttas uit. De geur van nat gras en haar eigen tienerzweet prikte in haar neus. Zo goed en zo kwaad als kon, klopte ze haar vieze kleding uit en hing het over de radiator. Wassen kwam later wel. De geluiden in de woonkamer leken te zijn afgenomen. Waarschijnlijk was haar moeder op de sofa in slaap gevallen. Op haar tenen liep ze naar haar slaapkamerdeur.
‘Panda,’ riep ze zachtjes. Vrijwel meteen hoorde ze trappelende pootjes op het vinyl. De hond kwam enthousiast aangehold. Hij liep langs Ellen heen en sprong op haar bed. Zijn staart vloog heen en weer als de ruitenwisser van de auto. Als ze Panda niet had gehad, was ze gek geworden thuis. Haar oudere broer en zus waren het huis al uit en haar vader was zo slim geweest om ook de benen te nemen. Ellen kriebelde Panda achter zijn oor. ‘Wat moet ik toch zonder jou,’ zuchtte ze. De nummer twee van deze week was op de radio. Hierna kwam George, háár George. Ze ging vast klaar zitten achter haar cassetterecorder. Precies op het goede moment, drukte ze de opnameknop in. George zong haar vrolijk tegemoet.
Halverwege het nummer, stormde haar moeder haar slaapkamer binnen. Ellen schrok op. Ze kon de scherpe geur van alcohol op grote afstand ruiken. ‘Wat doet die hond op bed?’ Het was meer een verwijt dan een vraag. Haar moeder wankelde op haar benen en haar ogen spuwden vuur. Ze trok Panda van het bed, die van schrik tegen het tafeltje stootte waar haar cassetterecorder stond. Met een smak viel het apparaat op de grond. Ellen voelde de woede in haar buik opborrelen. Nooit kon het normaal gaan. Nooit was er iets wat haar moeder niet voor haar verpesten.
Ze griste snel haar rugzak van de stoel en beende langs haar moeder de kamer uit. De hal door, richting de voordeur. ‘Kutwijf, ik haat je,’ schreeuwde ze, terwijl ze met een harde klap de deur achter zich dichtsloeg.
Een beetje buiten adem stond Ellen voor de flat. Ze was te boos om geduldig op te lift te wachten, dus was ze de twintig trappen naar beneden gerend. Met haar rugzak op schoot, zat ze op een bankje van het speeltuintje. De bladeren aan de bomen ritselden en er stond een gure wind. Ellen was blij dat ze in alle haast haar spijkerjas van de kapstok had getrokken. Ze rilde. Ze miste haar vader. Klotezooi. Sinds hij weg is gegaan, is haar moeder nóg meer gaan drinken. Elke dag is het raak en nu Ellen het enige doelwit in huis is, moet ze het steeds vaker ontgelden. Ze strikte de veters van haar rode gympen opnieuw. Ze liep gewoon vast naar Bart toe, die was vast al thuis. Hij was er goed in om haar op te vrolijken. Ze zouden er een fijne avond van maken. Wanneer ze dan vanavond thuis zou komen, sliep haar moeder misschien al. Ellen hoopte het vurig.
Bart deed een beetje verbaasd de deur open. Toen hij Ellens vertrokken gezicht zag, wist hij genoeg.
‘Ruzie gemaakt?’ vroeg hij. Ellen knikte. Ze wilde het er verder niet over hebben en dat voelde Bart feilloos aan. In het begin had ze zich voor haar moeder geschaamd en niks losgelaten, maar inmiddels wist Bart wel wat Ellen thuis voor haar kiezen kreeg. Hij sloeg zijn armen om Ellen heen en plantte een kus op haar voorhoofd. Hij liet haar doorlopen en Ellen schopte haar gympen uit. Bart was al naar de keuken gelopen. Hij rommelde in wat kastjes en toen de fluitketel het bekende sissende geluid uitstootte, schonk hij twee grote mokken thee in. Hij overhandigde een mok aan Ellen, die haar koude handen eraan warmde. De rest van de middag lagen ze languit op de sofa, ze kletsten over voetballen en over de film van vanavond. Hij was niet de grootste hunk en als Ellen er langer over nadacht, was ze misschien ook wel niet echt verliefd op hem. Maar hij was de veilige haven die ze zo miste in de rest van haar leven. Ze wist zeker dat hij wel smoor op haar was. Zijn ogen fonkelden als hij naar haar keek. Soms voelde Ellen zich schuldig over het feit dat hij haar leuker vond dan zij hem, maar aan de andere kant vond ze ook dat niks verkeerd deed. Ze was pas zestien en wist ook niet beter.
De film was fantastisch. Ze had gelachen én gehuild. Ellen huilde vaak om films. Misschien ook omdat ze in het dagelijks leven soms zo bikkelhard leek te zijn geworden. Bart had de hele film haar hand vastgehad. Ze vond het fijn toen hij haar later in de auto zoende. Hij had nog gevraagd of ze bij hem wilde blijven slapen, maar dat had Ellen geen goed idee geleken. Hij had haar voor de flat afgezet en haar bezorgd nagekeken. Nu stond ze op de lift te wachten. Twintig trappen naar boven was minder goed te doen.
Ellen had de sleutel al in haar hand geklemd. Onwillekeurig ging haar hart sneller kloppen bij iedere meter die ze dichterbij de voordeur kwam. Als haar moeder maar zou slapen, bad ze, tot een God waar ze allang niet meer in geloofde. Zo zacht als ze kon, opende ze de voordeur. Panda kwam direct kwispelend op haar afgestormd. Verder was het huis donker. Ze sloop met de hond naar haar slaapkamer. Haar stoel zette ze onder de deurklink, zodat de deur niet van buitenaf geopend kon worden. Daarna ging ze, met spijkerbroek en al, onder de wollige dekens liggen. Als ze maar snel zou slapen, was het ook snel weer morgen. Panda had zich aan het voeteneinde opgekruld, zijn warmte tegen haar voeten voelde fijn en veilig. Niet veel later viel ze in een onrustige slaap.
Ellen schrok wakker van geluiden achter haar deur. Haar moeder stond hard haar naam te schreeuwen en sloeg met haar vuisten tegen de deur.
‘Ellen, doe open!’ Ellens hart klopte in haar keel. ‘Ellen, je moet me helpen. Ze komen eraan.’
Panda was inmiddels met zijn staart tussen zijn benen in de hoek van de kamer gaan staan. Haar moeders gejammer ging door merg en been. Ze klonk in de war en in paniek. Ellen werd er bang van. De vorige keren dat haar moeder zo hysterisch was geweest, was haar vader er nog. Ellen stond op en liep met trillende handen richting de deur.
‘Mama, ik ben hier. Ga maar slapen. Er is niemand, het komt goed.’ Haar moeder barstte in luid gesnik uit. Ellen kon het niet zien, maar ze wist precies hoe haar moeder er nu bij zat. Haar rug tegen de deur, haar gezicht in haar handen. Ze had het van een afstand vaak gezien. Shit. Ze moest iemand bellen. Dit kon ze niet alleen afhandelen. Ellen schraapte al haar moed bij elkaar.
‘Mama, ik ga de deur opendoen, dan kom ik je helpen. Maar dan moet je wel even opzij gaan.’ Ze hoorde hoe haar moeder over de vinylvloer opzij schoof en Ellen opende voorzichtig de deur. Haar moeder had donkere kringen onder haar ogen en ondanks de woede en onmacht, voelde Ellen ook medelijden. Haar moeder lag in foetushouding op de grond. Ze had in haar broek geplast en haar haar stond alle kanten op. Zonder erover na te denken, legde ze haar eigen deken over haar moeder heen en probeerde ze haar iets te kalmeren. ‘Mama, ik ga iemand bellen die kan helpen.’ Zonder haar reactie af te wachten, beende Ellen naar de telefoon in de hal. Ze draaide het nummer van haar zus, dat was het enige nummer dat ze uit haar hoofd wist. De telefoon ging vaak over en Ellen was even bang dat haar zus niet op zou nemen. Maar toen kraakte de telefoon en hoorde ze de slaperige stem van haar zus. ‘Hallo?’
Bij het horen van haar zus’ stem, moest Ellen huilen.
‘Het gaat echt niet met mama,’ was het enige wat ze uit kon brengen. Haar stem brak en dikke tranen liepen over haar wangen. ‘Help me, alsjeblieft.’