Categorieën
Fictie

Een nacht om te herinneren

17:30, 16 juni 2019. Roos draait nog een klein rondje voor haar spiegel. Haar lange jurk lijkt boven de grond te zweven. Zij werpt nog een laatste blik op het kaartje op haar nachtkastje. Ze voelt haar wangen weer rood gloeien. Het kaartje heeft ze van haar vriend Daniël gekregen. “Will you be my date, my queen?” staat erin. Als kers op de taart had hij er nog zijn favoriete cologne in gespoten. Ze had geen seconde getwijfeld. Ze zei meteen ja. En vanavond is het zover. Over een paar uur begint het eindexamengala. Het eindexamengala. De tijd is voorbij gevlogen. Het voelt al zo lang geleden dat zij Daniël ontmoette. Zij waren beiden 13 jaar en zaten in de tweede klas van het gymnasium. Goede vrienden waren ze al snel, maar het duurde drie jaar voordat zij een stel werden. Als het aan Roos had gelegen al veel eerder, maar Daniël was er nog niet klaar voor. Hij raakte pas geïnteresseerd in meisjes op zijn zestiende. Al dat wachten was het waard. Drie jaar vriendschap had ervoor gezorgd dat hun relatie alleen maar sterker was geworden. Drie jaar lang hielpen zij elkaar met het huiswerk, deelden zij hun liefde voor Harry Porter en steunden elkaar in moeilijke momenten. Roos herinnert zich vooral hoe Daniël er voor haar was toen haar ouders gingen scheiden. Zij heeft toen vaak bij hem gelogeerd, omdat de ruzies tussen haar ouders steeds intenser werden. Hij maakte haar dan weer aan het lachen met zijn sarcastische humor of verraste haar met een lekker stukje appeltaart. Uiteindelijk bleven Roos en haar broertje bij hun moeder in Den Bosch wonen. Haar vader is verhuist naar Tilburg en ziet hen allen nog maar in de vakanties.
Het afgelopen jaar had hun relatie erg op de proef gesteld. 6VWO is immers het jaar van de allesbeslissende studiekeuze. Roos wilde altijd al diergeneeskunde studeren in Utrecht en Daniël had zijn keuze al jaren gevestigd op rechtsgeleerdheid in Nijmegen. Ze hadden van tevoren met elkaar afgesproken dat ze voor hun eigen dromen zouden kiezen. Het geluk van de ander ging voorop. Ook zou het druk leggen op hun relatie, wanneer een van hen zijn dromen zou laten varen om bij de ander te kunnen zijn. Dat moest koste wat kost voorkomen worden. Een afspraak maken moest de oplossing zijn. Beiden hadden daarover geen moment getwijfeld. Zich eraan houden zou makkelijk worden. Ze hadden immers er allebei mee ingestemd. “Eitje” dachten ze. Dat viel uiteindelijk zwaar tegen. De gedachte dat ze niet meer naar dezelfde school gingen, dat ze minder tijd met elkaar konden doorbrengen, werd steeds moeilijker te accepteren. Vooral Daniël had er moeite mee. Hij wilde bij zijn vriendin blijven. Zij was zijn alles. Hoe kon hij iemand als zij ooit laten gaan? Hij moest met haar meegaan naar Utrecht. Dat werd zijn doel. Een aantal weken lang verzweeg hij zijn plan voor Roos. Pas nadat zij zich had ingeschreven, biechtte hij alles aan haar op. Roos haar reactie was alles behalve enthousiast.
“Waarom doe je dit nou?”, zei ze verontwaardigd.
“We hadden een afspraak, weet je nog?”.
Daniël probeerde haar te kalmeren en haar te overtuigen van zijn beslissing, maar dat had geen zin. Het eindigde in een grote ruzie. Zij gingen zelfs een tijdje uit elkaar. Roos wilde koste wat kost dat Daniël zijn eigen dromen zou volgen. Ookal betekende dat zij hem moest laten gaan. Uit elkaar gaan viel niet mee. Zeker niet wanneer je samen naar school gaat. Haast iedere les volgden ze samen. In de pauze bleven ze naar elkaar kijken. In de gangen kwam je elkaar overal tegen. Dit hielden ze twee maanden vol, totdat Daniël Roos opzocht. Zij spraken af bij een klein restaurant. Hij vertelde haar daar dat hij had besloten om weer naar Nijmegen te gaan. Hij had ingezien dat zijn eigen dromen laten varen, ookal was het voor haar, niet goed was. Ook vertelde hij hoe eenzaam hij was zonder haar en dat hij hoopte dat zij hem ooit kon vergeven. Na die woorden bleef het even stil. Een stilte van een paar seconden die voelden als jaren. Toen vlocht Roos haar handen in de zijne en fluisterde in zijn oor dat zij zich hetzelfde voelde. Daarna keken ze elkaar aan. Roos zag de sprankelende, chocoladebruine ogen van haar Daniël. Hij verdronk ondertussen in haar oceaanblauwe ogen. Een onzichtbare kracht trok hen naar elkaar toe, totdat hun lippen elkaar raakten. Ze sloten hun ogen en lieten zich meevoeren door het moment. Ondanks dat ze geen woord zeiden, wisten dat ze hetzelfde dachten. Wat er ook in de toekomst gebeurt, samen kunnen wij het aan.
“Roos, Daniël is er!”.
Haar broertje Jonas trekt haar slaapkamerdeur open.
Hij blijft even staan en bekijkt haar van top tot teen.
“Hoe zie ik eruit?”, vraagt Roos.
“Als een clown, maar niet de lelijkste die ik ooit heb gezien.”
“Dat beschouw ik als compliment.”
“Raak er maar niet gewend aan.”
Dan stormt hij weer naar beneden. Roos doet nog even een laatste check. Haar blonde haar zit nog keurig opgestoken, haar eyeliner zit nog goed en er zit nog geen vuiltje op haar donkerblauwe jurk. Alles is perfect. Vanavond wordt perfect.
Ze loopt de trap af naar beneden en ziet Daniël in de hal. Hij draagt een zwart pak met een donkerblauwe stropdas. Zodra hij haar ziet valt zijn mond open.
“Wow”, is het enige wat hij kan zeggen.
“Jij bent ook wow. Dat pak staat je goed, meneer.”
“Nee maar serieus. Ik dacht dat je niet mooier kon zijn, maar nu….”
Roos lacht en plant een kus op zijn lippen. Op hetzelfde moment maakt haar moeder een foto.
“Oké dan, zullen we maar gaan?”.
“Wacht even, ik heb nog een verrassing voor je.”
Daniël neemt Roos mee naar de voortuin en blijft daar staan. Er is helemaal niets te zien. Enkel dezelfde bloemen en tuinkabouters. Maar dan hoort ze opeens luide muziek. Een grote limousine rijdt de straat in en stopt voor haar huis. Daaruit stapt een man met zwart haar en een grijze baard. Zodra hij haar aankijkt herkent Roos hem meteen.
“Papa!”
Zij rent naar hem toe en slaat haar armen om hem heen.
“Wat zie je er mooi uit Roosje”, zegt hij.
“Ik moest je gewoon even zien. Helemaal op zo’n belangrijke avond.
“Ik heb je zo gemist, pap”.
“Ik jou ook.”
Jonas voegt zich toe aan de knuffel. Roos voelt hoe erg hij zich overgeeft. Dat heeft hij al heel lang niet meer gedaan. Zij beseft zich hoeveel geluk zij heeft. Haar ouders zijn hier. Haar broertje is hier. Daniel is hier. Kan het leven nog volmaakter worden?
Even later zit ze in de limousine. Ze kijkt achterom naar haar moeder en broertje. Ze worden steeds kleiner. Daniël houdt haar hand vast.
“Ik had je nog niet bedankt voor je verassing.”
“Ik deed het graag voor je.”
“Kunnen we niet voor altijd in dit moment blijven?”.
“Mij best, maar dan kan jij niet naar diergeneeskunde.”
“Dat is waar. Maar kunnen wij wel samen blijven?”
“Daar gaan we voor zorgen.”
Hij drukt een kus op haar voorhoofd. Dan legt zij haar hoofd op zijn schouder. Zij sluit haar ogen en alle herinneringen met Daniël komen voorbij. Hopelijk mag ze er meer met hem maken. Daar gaat ze voor strijden. Wat er ook met hen in de toekomst gebeurt.