Categorieën
Fictie

Bruin Fruit

Vanochtend was er geen lunchpakket toen hij de deur uitging. Marjons kant van het bed was leeg. Wat gaat hij nu eten? Het is vijf voor twaalf en Jasper staat in de lift naar beneden. Hij heeft geen zin om te wachten tot zijn collega’s gezamenlijk naar de kantine gaan. Informele praatjes komen al snel op zijn vrouw, en hij heeft geen flauw idee wat hij daar nu over kwijt moet. De geur van frituurvet hangt in de metalen kist.
Jasper eet geen frituur, zeker niet op kantoor. De enkele keer dat Marjon geen lunch voor hem maakt, haalt hij iets waar de vitamines vanaf stralen. Teamleider Peter brengt ook altijd iets gezonds mee. Het schept een onuitgesproken band tussen hen.
In de kantine kijkt Jasper voorbij de saladebar, de pannen met soep, en het vers te snijden brood naar Marco. De gezette man met zijn vettige glimlach staat ver achterin bij de frituur de sauspompen te bedienen. Ze groeten elkaar al jaren op afstand.
De vette hap is een terugkerende kwestie met Marjon. Ze probeert hem af en toe mee te krijgen naar de friettent om ‘bruin fruit’ te halen. Geen denken aan. Als zij zich niet in kan houden, moet hij sterk blijven. Gisteren wilde ze hem weer overhalen met haar theorie over ‘zelfbevrijding’. Hij ketste haar harder af dan zijn bedoeling was. Ze vertrok naar haar moeder.
Jasper loopt richting Marco. Onderweg passeert hij de geur van wortelsoep, zijn favoriet. Hij gaat verder tot hij de gloed van de lampen, die de snacks warm houden, op zijn wangen voelt.
Marco legt een kaassoufflé op het dienblad van de vrouw met rode krullen van Financiën. ‘Dag Karin lieverd, geniet ervan.’ Hij kijkt op. ‘Kijk wie we hier hebben… Jasper!’
‘Weet je mijn naam?’
‘Tuurlijk man. Jij die van mij toch ook?’
‘Ja, maar jij bent Marco. Van de frituur.’
‘Ha! Nou en of ik van de frituur ben.’
Jasper kijkt naar de verschillende bruine vormen onder de lamp. Hij merkt dat Marco zijn blik probeert te vangen.
‘Je bent hier nog nooit geweest hè?’
‘Dat klopt.’
‘Je bent hartstikke welkom hier hoor! Waarom kom je nooit?’
Jasper is even stil. ‘Ik eet graag gezond.’ Hij kijkt naar Marco’s koksbuis, die iets te strak zit.
‘Gezond! Weet je wat ik jammer vind? Dat mensen zo zwart-wit kijken. Neem Karin. Haar dochter is vorige week weer opgepakt. Dealen. Ze is zestien. Weet je waar Karin in zo’n situatie gezond van wordt? Lachen! Ga je van wortelsoep lachen? Nee! Waarom niet? Bij de soep staat Paul, en hij lijkt altijd ongesteld. Iedereen denkt het, ik zeg het. Als Karin zich rot voelt, zie ik dat al aan haar neus als ze hier binnenkomt. Ik zweer het je, ik laat haar niet naar buiten gaan voor ik haar een keer blij heb zien kijken. Goed toch?’
Jasper knikt en kijkt naar de namen op de bestellijst.
‘Hoe kan ik jou helpen jongen?’
Kaassoufflé. Kroket. Frikandel. Kipcorn. Jasper kan zich niet herinneren wanneer hij er voor het laatst een gegeten heeft. Ze staan voor hem voor alles wat fout is: dubieuze ingrediënten op een verkeerde manier verkregen, bewerkt en bereid. Maar volgens Marjon kunnen ze stuk voor stuk verlossend voor hem zijn.
‘Wat nam je vroeger op kinderfeestjes?’
‘Friet met?’
‘Ach gozer, toch wel met wat lekkers erbij?’
Jasper gelooft dat zijn lunchgewoonten meespelen in zijn voorsprong op Milan en Hugo. Bij het maandoverleg krijgt Jasper meestal als eerst de nieuwe klussen van Peter. Vanmiddag wordt er weer een toegewezen. Hij kijkt naar de sauspompen.
‘Een frikandel?’
‘Gewoon of speciaal?’ Marco steekt zijn hand op naar een man in een spijkerbroek en spijkershirt van IT, die komt aanschuifelen.
‘Hey John, mooie kerel van me! Hoe is ie nou?’
‘Co’tje doe mij een kroketje. Kan je er effe een vers in het vet gooien?’
Marco lacht. ‘Je blijft het proberen hè? Kijk hier ligt er nog één. Ik zeg: soms heb je geluk, soms pech. Soms heb je een verse, soms niet.’ Grinnikend pakt John de kroket onder de lamp vandaan en loopt naar de kassa. ‘Als er geen vitamines zijn, dan is er iets anders, snap je Jappie? Het wordt als het ware gecompenseerd. Kom je achter de toonbank?’
‘Mijn lunchtijd is dertig minuten…’
‘Ik sta erop! We hebben het geluk dat er geen frikandellen meer klaarliggen. Van mij mag jij hem zelf komen bakken. Heb je wel eens iets gefrituurd?’
‘Wat? Nee!’ Jasper lacht en zet een stap naar achteren.
Marco wenkt met twee handen. ‘Kom, wij gaan samen een frikandel speciaal maken! Een verse! Voor jou!’
Jasper blijft op een meter afstand van de toonbank staan. Een jonge vrouw schiet voor hem langs om een kipcorn te pakken.
‘Mag ik mayo, Marco?’ vraagt ze.
‘Tuurlijk moppie.’ Terwijl Marco een witte toef naast de kipcorn zet, blijft hij Jasper vragend aankijken. Jasper kijkt op zijn horloge. Het overleg start pas over anderhalf uur, maar hij wil het nieuwe project nog bestuderen.
‘Luister,’ zegt hij. ‘Zou jij één speciale voor me kunnen maken?’
Marco haalt zijn schouders op. Hij schuift de vriezer open en pakt een frikandel. ‘Zeg ben jij eigenlijk getrouwd?’ Onder geknetter zakt de metalen mand in het vet.
‘Waarom vraag je dat?’
‘Ik zag je zonder aanhang op de bedrijfsdag. Dat verbaast me, jij lijkt me een ideale schoonzoon.’
‘Mijn vrouw kon niet.’ Jasper zucht. Hij luistert naar het pruttelende vet. Frituren gaat toch heel snel? ‘Ik ga vast wat te drinken halen. Ik kom hem zo halen.’
Wat drink je bij een frikandel speciaal?
Als hij terugkomt, zet Marco grijnzend een plastic bakje op het uitgestoken dienblad van Jasper. ‘Geniet ervan, jongen.’
Jasper loopt naar een tafel in een rustige hoek. Het is een pakje melk geworden. Uit zijn tas pakt hij de groene appel en legt die naast zijn verboden vrucht.
Zelfbevrijding dus. Gisteren kwam Marjon thuis met een broodje kaassoufflé met satésaus. Dit keer liet ze hem niet naar boven gaan. Ze wilde praten, terwijl ze dat broodje begon te eten. Er hoefde geen bord onder, de pindasaus drupte op het papieren zakje. Het was een test, denkt Jasper. Sinds ze bij dat vrouwenclubje zit, zoekt ze telkens een nieuwe reden om tegen hem in te gaan.
Hij doet zo zijn best. Zij begon een paar jaar terug over een ‘bewust’, ‘biologisch’ en ‘lokaal’. Toen hij eindelijk begreep waarom ze dat wilde, was hij er helemaal bij. Hij onderzocht waar in de stad ze hun groente, granen, zuivel en – eens per week – vlees of vis moesten halen.
Gisteren zei ze dat hij hen ziek maakte. Omdat hij met zijn vaste regels al het leven uit hun huishouden had gezogen. Ze moesten zich losmaken. Daarop werd hij kwaad. Zij was zwak, had hij geroepen, met haar luiheid hield zij een ziek systeem in stand. Toen ze weg was had hij lang gepiekerd.
Ze is niet lui, denkt hij nu, ze rent voor hem uit. Telkens wanneer hij denkt dat hij haar begrijpt, heeft ze weer een nieuwe ideaal. Op het mes uit de bestekbak zitten opgedroogde druppels. Met een servet poetst hij tot het metaal glanst. Hij prikt met de vork door de buitenlaag van de frikandel. Met een beetje druk snijdt hij een stukje af. Dan smeert hij er mayonaise, curry en uitjes bij.
‘Ik wist niet dat jij frituur at.’
‘Nee, ik ook niet.’ Jasper kijkt op naar het strakke gezicht van Peter. Wat er op zijn dienblad ligt kan Jasper niet zien, maar hij ruikt wortelsoep. De ogen van Peter zijn scherp omlijnd, zijn blik is hard. Waar vitaminen zijn, ontbreekt wat. Heeft hij zijn teamleider wel eens zien lachen?
Peter kijkt van de frikandel naar hem. ‘Alles oké? Kan je op zo’n lunch de hele middag werken?’
Jasper kijkt naar het stukje frikandel op zijn vork. ‘Nou het schijnt goed voor je te zijn.’
‘Sorry?’
‘Laat maar. Het gaat prima. Ik wil iets nieuws proberen.’ Jasper herinnert zich het maandoverleg. ‘Het overleg is om twee uur toch?’
Peter zucht. ‘Ja, ik ga die nieuwe opdracht dit keer eerst aan Hugo voorleggen. Hij is er klaar voor.’ Na een knikje loopt Peter verder.
Jasper brengt zijn vork naar zijn mond. Het zoete vlees van onnatuurlijke structuur wordt aangevuld door de romige mayo, de pit in de currysaus en de uitjes die hij de hele dag nog gaat proeven. Hij voelt de huid van zijn gezicht vetter worden.
Hij gaat minder zuinig kauwen, de frikandel vult zijn mond. Terwijl hij doorslikt, ontdooit een warme gloed zijn buik. Hij wiebelt met zijn tenen. De zon schijnt op het grasveld, de bomen, de struiken.